Mijn vader Chris Veraart – deel 2

“Mijn vader was een meester in betekenis creëren”
Deel 2*

Chris Veraart (1944-2014) was een BMS’er. Een Bekende man met MS. Naast een spraakmakend zedenadvocaat was hij actief in de MS-wereld. Hij liet een indrukwekkende erfenis na: veel verhalen over zijn leven met MS, waaronder een reeks columns op MSweb, twee kinderboeken, veel interviews, een tv documentaire. MSzien sprak met zijn zoon Wouter Veraart, bijna vijf jaar na zijn overlijden.

Door: Marja Morskieft

Wouter Veraart, zoon van Chris Veraart

Wouter Veraart

Wouter studeerde filosofie en rechten, maar wilde geen advocaat worden, zoals zijn vader Chris Veraart : “Chris had dat al op zo’n pregnante wijze ingevuld.” Hij is nu hoogleraar Encyclopedie der Rechtswetenschap en Rechtsfilosofie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.

Opa Toetoet

Wouter vertelt: “Mijn vader kreeg de diagnose in 1981. Hij werkte gewoon door. Zijn strijdbaarheid voor MS, het erover schrijven, kwam pas in de negentiger jaren.”

Chris Veraart zou uiteindelijk zes kleinkinderen krijgen, de geboorte van de jongste heeft hij nog net meegemaakt. Voor zijn oudste kleindochter Naïma (1998) schreef hij Het geheim van opa Toetoet, waarin een opa uitlegt aan zijn kleindochter dat hij MS heeft.

Zoon Wouter: “Hij kreeg al gauw de bijnaam opa Toetoet, naar de toeter op zijn scootmobiel. Haalde daar ook grapjes mee uit: hij deed of hij sliep, dan maakte Naïma hem wakker met het toetertje van de scootmobiel. Gerrie Hondius illustreerde het vrolijk uitziende boek. Wat bleek het geheim van opa Toetoet? Niet het feit dat hij MS had, maar zijn opvatting dat ‘ook ziek zijn bij jou en je leven hoort en dat het de kunst is om te leren vriendschap te sluiten met je ziekte en maximaal te genieten van wat nog wél kan’.

“Het boek liep heel goed, het is al uitverkocht. Mijn zus Gitta zei bij de boekpresentatie: ‘Had ík destijds maar zo’n boek gehad.’ Het werd niet helemaal verzwegen dat mijn vader MS had, ik zag natuurlijk zelf ook wel – ik was tien – dat mijn vader met een stok ging lopen, dat er een handrem in de auto zat, dat er een scootmobiel kwam en later een elektrische rolstoel.

Maar mijn ouders waren in het begin verslagen, schaamtevol ook, dat beschrijft Chris in zijn boek Ja kun je krijgen. Hij was zelfs kwaad en werkte gewoon door, liet zich er niet onder krijgen. De artsen zeiden juist: ‘Rustig aan, u hebt een beetje MS.’

Chris was een leuke vader, hij kon erg ondersteunend zijn en was ook een superopa. Hij was een ondernemend type, ging er graag op uit. Verzon spelletjes, vertelde verhalen. Ging daarbij soms nét een grens over, wat natuurlijk ook heel leuk is voor kinderen. Ook zijn jongere kleinkinderen die hem maar kort hebben meegemaakt, zijn nog erg bezig met hun opa Toetoet. Het boek helpt daar ook bij: het spreekt tot de verbeelding.”

Audiogericht

“Mijn vader was, gedwongen door zijn lichamelijke beperkingen, erg audiogericht. De radio stond altijd aan. Hij luisterde graag naar audioboeken zoals De Avonden van Gerard Reve. Hij had ook een spraakcomputer. Luisteren en spreken – dat was de dimensie waarmee hij nog volop in de wereld kon staan.

Rond 2005 zijn de MS-verhalen ook opgenomen door een vriend die geluidstechnicus is, Anton Zegveld. Drie daarvan staan er op MSweb. De laatste jaren, toen het lichamelijk steeds slechter ging, schreef hij vooral gedichten. Poëzie gaf betekenis aan wat hij meemaakte. In zijn gedichten ging hij steeds meer loslaten. Hij schreef ze voornamelijk aan zichzelf, maar ook voor anderen, en mailde ze dan.

We vonden na zijn dood nog veel ongepubliceerd (audio)materiaal, ook agenda’s waarin hij minutieus bijhield wat er die dag gebeurde en wat hij ervan vond, een soort journaal. Zo hield hij greep op zijn leven. Gelukkig had hij geen last van cognitieve problemen, zijn ‘kop’ was tot op het laatst glashelder.

Al die activiteiten, schrijven, (o.a. columns op MSweb) zijn boekjes, e-mails, gedichten en projecten hielden hem gaande. Hij was altijd erg druk en het was druk om hem heen. ‘Ik heb niks gedaan vandaag maar er zijn wel tíen mensen langs geweest’, zei hij dan. Dat maakte het denk ik moeilijk om met hem samen te leven.”

Dwarse kijk

Chris Veraart

“Een levensles die hij me aanreikte was: Iedereen telt mee; het maakt niet uit hoe afwijkend je bent. Zijn vriendenkring kende een flink aantal aparte en vaak zeer indringende persoonlijkheden. Daar kon hij erg goed mee omgaan – hij zag er creativiteit en humor in. Mijn moeder vond het soms niet leuk meer: hij liet bij wijze van spreken zonder problemen een gewezen moordenaar ons huis schilderen…

Chris had wel wat van Annie M.G. Schmidt: een dwarse kijk op de dingen. Dat was zijn manier om het leven draaglijk te maken. Met zijn humor kon hij mensen met een ander oog naar de werkelijkheid laten kijken. Zo creëerde hij vrolijkheid en gaf hij zijn eigen betekenis aan de wereld – zelfs in de meest onwaarschijnlijke omstandigheden.

Mensen kwamen graag bij hem op bezoek. Ze kwamen natuurlijk óók omdat hij ziek was, maar in de ontmoeting met mijn vader kregen ze veel terug. Het was vaak een komen en gaan in zijn geliefde Bornholm.

Daarbij was er ook nog zijn ‘hofhouding’ zoals hij het leger zorgverleners dat hem thuis verzorgde noemde. Hij schreef er met humor over, en soms met grimmige verbazing: over het ‘gekut en gepruts’ waaraan de dag weer ten onder was gegaan. Als hij uren op een rolstoelreparateur moest wachten bijvoorbeeld, die dan met het verkeerde onderdeel aan kwam zetten…

Maar wat ik ervan onthouden heb: laat je verrassen in je ontmoetingen, leer ervan. Houd een open blik naar mensen, ook al zijn ze anders. Zijn enthousiasme en bevlogenheid heeft hij overgebracht op zijn kinderen. Wát je doet, maakt niet zoveel uit, als je het maar met passie doet. Dan maakt het dus ook niet zo uit of je ziek bent of niet. Ziekte is een onderdeel van het leven. Dat leefde hij vóór.”

Chris Veraart (Wassenaar 1944- Bergen 2014) studeert rechten in Leiden. In 1969 wordt hij advocaat, vier jaar later begint hij met Arie van Driel de eerste praktijk voor sociale advocatuur in Nederland. In 1981 specialiseert hij zich in zedenzaken. In 1997 verschijnt zijn boek Valse Zeden, inmiddels vaak herdrukt en een klassieker op het gebied van valse zedenaangiften en waarheidsvinding. In 2002 publiceert hij ‘Ja kun je krijgen!’ over zijn leven met MS. Hij schrijft twee kinderboeken over Opa Toetoet en een dichtbundel, ‘Overgave’.

Zijn tragikomische belevenissen met MS en de wereld om hem heen zijn nog te lezen op MSweb: https://www.msweb.nl/actueel/columns/chris-veraart/

Rond 2005 zijn er opnames gemaakt van zijn verhalen, er staan er drie op MSweb: https://www.msweb.nl/media/beeld-en-geluid/ja-kun-je-krijgen-verteld/ (opgenomen door Anton Zegveld)

Een documentaire over zijn leven is op NPO te vinden: https://www.npostart.nl/het-gaat-slecht-verder-gaat-het-goed/13-12-2010/10act1213MSdocu

* Deel 1 van dit verhaal is te lezen in MSzien nr. 4 2018

Naar de Inhoudsopgave MSzien 2019, nr. 1
MSzien nr. 1 – maart 2019

Klik op een tabblad om aan te geven hoe u wilt reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *