Inge Huitinga en T-cel-commando’s

Inge Huitinga oog in oog met T-cel-commando’s

Bericht uit de loopgraven van de hersenen

De nieuwste MS-professor dr. Inge Huitinga vraagt zich af of het – niet eerder grondig onderzochte – afweersysteem binnen het hersenstelsel een kwalijke rol speelt bij de ontwikkeling van de ziekte MS. Ze deed dat in haar beginrede als hoogleraar, de oratie, op 3 oktober 2019 in de Lutherse kerk in Amsterdam. De komende vier jaar wil zij daarvoor als het ware de loopgraven afzoeken van de hersenen. Met hopelijk aan het eind van die zoektocht een goed bericht.

Door: Raymond Timmermans

prof Inge Huitinga-foto-Paul Evers NLHersenbank

Prof dr. Inge HuitingaFoto Paul Evers, Nederlandse Hersenbank

Het kan zijn dat MS een auto-immuunziekte is, met als kenmerk dat afweercellen sommige lichaamseigen stoffen als lichaamsvreemd zien.

Het kan ook zijn dat de via het bloed aangesnelde afweercellen tegen virussen en tumorcellen ook noodzakelijke lichaamseigen stoffen gaan afbreken. Zoals het beschermende omhulsel myeline rond strengen in het hersenstelsel. Met het voor MS-patiënten bekende gevolg.

Maar hoe kan dat terwijl er een harde grens is tussen bloed en hersenen – de zogeheten bloed-hersenbarrière – en cellen daardoor niet zomaar die grens kunnen passeren?

De nieuwste MS-professor dr. Inge Huitinga wil daarop de komende vier jaar proberen het antwoord te vinden. Dat was de centrale boodschap in haar beginrede als professor aan de Universiteit van Amsterdam op 3 oktober 2019. Een rede met de titel ‘Hersenen in verweer’. Inmiddels op een speciale website van de universiteit geheel terug te zien en te horen.

Enkele flarden blijven hangen. “ De hersenen van de mens bestaan uit zo’n 100 miljard zenuwcellen (…), uitermate complex orgaan om te kunnen doen wat we kunnen: praten, denken, bewegen, reageren op onze omgeving (…). Zenuwcellen delen niet en de onderlinge verbindingen zijn dus kwetsbaar. Als er een ontsteking optreedt, ontstaat er schade. Schade in de hersenen herstelt meestal niet of nauwelijks. (…) Lange tijd is gedacht dat de hersenen geen verweer hebben door de bloed-hersenbarrière. Afweercellen komen niet zomaar over deze barrière heen. (…) Te simplistisch. Er is natuurlijk een immunologische afweer in de hersenen, alleen is die anders geregeld”.

Afweer in verwarring

De rode draad is, dat het erop lijkt dat die menselijke afweer in het brein tijdens MS in verwarring lijkt, sterker: “uit balans, volkomen op hol geslagen”, zegt Inge Huitinga. Vooral in de buurt van het brein en wel zo dat de afweer daar geen onderscheid meer maakt tussen goedaardige, eigen signalen en vreemde ziekteverwekkers, en daarom de myeline opeet.

Waarbij zij zegt er rekening mee te houden dat een apart eigen afweersysteem van het hersenstelsel een beslissende rol speelt. Mogelijk aangestuurd – of misschien wel misleid – door een van buitenaf komend virus.

Inge Huitinga vertelt het in een zaal met ongeveer tweehonderd mensen, in de Oude Lutherse Kerk. Een gebouw uit de zeventiende eeuw, tegenwoordig grotendeels in gebruik bij de Universiteit van Amsterdam, maar in veel nog als kerk herkenbaar. Zij is gekleed in het traditionele professorale tenue. Een met roze/paars omzoomde zwarte mantel en bijbehorende baret.

Een rede van ongeveer drie kwartier als bevestiging dat zij het ambt van bijzonder hoogleraar neuro-immunologie in het bijzonder de pathologie van multiple sclerose aan de Universiteit van Amsterdam aanvaardt. Traditioneel afsluitend met “ik heb gezegd” en applaus.

Leeropdracht

prof Inge Huitinga-cover-oratie-de schutters

Schutters – illustratie van Herman Geurts

Een oratie heet dat onder professoren. De uitvoerige beschrijving van de door de universiteit gegeven leeropdracht. In dit geval, kort samengevat: “De afweer bestuderen in de gezonde en zieke hersenen van de mens, vooral als het gaat om chronische ontstekingen zoals bij MS”.

Een publieke les voor een voor een belangrijk deel toch al hooggeleerd gehoor – naast vrienden en familie. Inge illustreert die met lichtbeelden, sommige daarvan met een knipoog. Zoals de openingsprent met een minisectie schutters op en tussen de hersenen.

Geen gemakkelijke kost voor de niet-wetenschapper. Daarom maar eens op de nieuw benoemde hoogleraar afgestapt met de vraag om nadere uitleg.

“Versta me goed, er komen terdege afweercellen het brein binnen, alleen is hun activiteit ongewoon. Het verweer tegen indringers is anders dan gebruikelijk. Dat loopt bij MS uit de hand en dat veroorzaakt schade aan de beschermende myeline en de zenuwuitlopers”.

De T van Thymus

Een afwijkend verweer in het brein dus, daar slaat de titel op van haar beginrede. Met de afbeelding van schutters, voorzien van een muts met het opschrift T. Niet de T van een land als Tanzania of Togo maar de T van Thymus, de Latijnse term voor zwezerik. Een klein onderdeeltje van het lichaam. In die Thymus hebben namelijk door het bloed aangeleverde cellen het afweer-vak geleerd. Sindsdien heten deze keurtroepen T-cellen, T-lymfocyten. Waarvan al 15 jaar geleden is vastgesteld dat er in totaal wel 150.000 in de hersenvloeistof zitten, laat Inge weten.

Zij wil in haar tocht langs de loopgraven van de hersenen als het ware oog in oog komen te staan met een aparte sectie van deze T-cellen, namelijk de zogeheten Trm-cellen. Dat zijn T-cellen met de m van memory, geheugen, een speciaal getraind geheugen voor indringers. Vooral die T-cel-commando’s, om in legertermen te blijven, wil ze leren kennen. Hun routes en sporen vergelijken met die van een zelfde hersendeel van een gezond mens.

Inge Huitinga: “Deze Trm-cellen zitten in de hersenen rond bloedvaten en infiltreren bij MS de hersenen. Ze worden daarbij niet in toom gehouden. Ik denk dat ze de ontstekingen veroorzaken die tot MS leiden. Om wat voor reden is nog onduidelijk. Dat willen wij nader bestuderen door die Trm-cellen te isoleren uit hersenen met en zonder ziekte en nauwkeurig te analyseren”. Waarna haar volgende stap mogelijk is, een weg te vinden om die schadelijke Trm-cellen te stoppen.

Medisch bioloog en neuro-immunoloog

Prof dr. Inge Huitinga – foto UvA

Inge Huitinga (*1960) is medisch bioloog, wat zoveel wil zeggen dat zij de basisleer van alle leven, de biologie, koppelt aan die van de geneeskunde. En ook neuro-immunoloog, kenner van het stelsel van afweermechanismen in en rond de hersenen. Eerder geportretteerd in deel 29 van de MSzien-serie MS-onderzoek in Nederland.

Sinds 2006 combineert zij de functie van directeur van de Nederlandse Hersenbank (NHB) – die wereldwijd grote erkenning heeft vanwege de kwaliteit van het hersenweefsel dat beschikbaar is voor onderzoekers – met die van hoofd van een eigen onderzoeksgroep bij het Nederlandse Herseninstituut (NHI).

Ze noemt het zelf “een vruchtbare combinatie. Al blijven het twee strikt gescheiden eenheden. De wetenschappelijke kennis van de onderzoeksgroep is aan te wenden voor de Hersenbank en omgekeerd”. Tientallen medewerkers, op beide plekken. Dit alles om zoals ze zelf zegt “een beter begrip te krijgen van de ziekte MS en daarbij te proberen theorieën te ontwikkelen waarmee de ziekte zou zijn te voorkomen of wie weet te genezen”.

De bijzonder hoogleraar was al een bijzonder hersenonderzoekster. Niet alleen omdat zij onderzoek doet met echte hersenen van mensen met MS die net zijn overleden. Maar bijzonder vooral omdat zij de verzamelaar en bewerker is van alle onderzoeksgegevens, zodanig dat er conclusies uit te trekken zijn. En ga er intussen maar vanuit dat als Inge Huitinga conclusies trekt, veel andere wetenschappers in de hele wereld meelezen en meeluisteren. Dat zal met haar oratie niet anders zijn geweest.

Samen met het aan de Universiteit van Amsterdam verbonden Swammerdam Instituut voor Levenswetenschappen – Engels afgekort als SILS – heeft vooral het Herseninstituut gezorgd voor haar benoeming tot hoogleraar. In beginsel voor vier jaar maar zo nodig te verlengen. Met financiële steun van de Stichting MS Research die onder meer enkele onderzoeksprojecten betaalt die met Inge’s leeropdracht te maken hebben.

Natalizumab

Af en toe maakt ze in haar rede een uitstapje. Zoals met de stelling dat met bestudering van de Trm- cellen wellicht ook te verklaren is waarom geneesmiddelen die de passage van T-cellen over de bloed-hersenbarrière heen beletten – zoals natalizumab – geen effect hebben op progressieve MS. Inge Huitinga legt desgevraagd uit: “Omdat laat in de ziekte, in de progressieve fase, deze Trm- cellen zich verschansen achter de bloed-hersen-barrière en dus niet bereikt worden door nataluzimab, want dat medicijn komt zover niet”.

En tussendoor ook de opmerking dat mensen met RRMS meer herstel van myeline laten zien en minder actieve ontstekingen dan mensen met een progressief beloop van de ziekte. “Hoe dat verschil komt, dat willen we uitzoeken. En als we bepaalde stoffen vinden, kijken of we die kunnen toepassen om herstel van myeline te bevorderen, remyelinisatie”. Voor dat laatste wil ze samenwerken met professor dr. Joost Verhaagen van het Herseninstituut. Hij is expert in wat in de biologie heet regeneratie, het herstel van beschadigde organen.

Nog zo’n flard die doet nadenken: dat bij ongeveer vier op elke vijf MS-patiënten laat in de ziekte, anders dan verwacht, toch actieve ontstekingen te zien zijn, althans in het laboratorium niet op de MRI. Inge Huitinga daar nog eens op aangesproken: “Ook iets om te lijf te gaan”.

En wie aandringt krijgt van haar na afloop nog zo’n zijstap: “Ik ben geen arts, maar als onderzoeker lijkt mij dat stamceltransplantatie mogelijk een uitkomst kan bieden wanneer de MS zodanig actief is dat de effecten van de huidige therapieën onvoldoende soelaas bieden en daarom de risico’s van stamceltransplantatie acceptabel zouden kunnen zijn”.

Over verweer gesproken.

Dick Swaab

Noemt al docerend vele mensen uit haar omgeving met naam en toenaam, in totaal wel zo’n negentig. Collega’s die onderzoeken op hetzelfde gebied. Haar medewerkers ook vooral. In haar teams zitten mensen die in het MS-wereldje al ruime bekendheid genieten. Ze geeft ze alle eer.

Swaab en Huitinga

Prof Swaab en Prof Huitinga

In het bijzonder professor Dick Swaab , nu vooraan in de kerk, haar belangrijkste docent en oprichter van de Hersenbank. Over hem en tegen hem zegt ze: “Zonder zijn inspiratie en raad was ik niet zo ver. Jij hebt me als onderzoeker het humane brein ingetrokken”.

Woorden waarmee ze onder meer duidelijk wil maken dat ze zich in haar werk een gewoon lid voelt van dat grote, samen spelend orkest.

Prettig kennis mee te maken, deze gedreven onderzoekster. Geboren en getogen Noord-Hollandse. Bij wijze van spreken in de schaduw van de Lange Jaap in Den Helder, de hoogste vuurtoren van het land. Een slanke vrouw van bijna éénmetertachtig. Bril. Tamelijk zacht en snel pratend. Maar duidelijk en zeer energiek. Iemand op wie mensen met MS kunnen rekenen.

Naar de Inhoudsopgave MSzien 2019, nr. 4

Klik op een tabblad om aan te geven hoe u wilt reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *