skip to Main Content

Een aparte MRI-vorm vóór de puberteit

De heel eigen verschijningsvorm van een MRI van MS bij prepubers suggereert dat de onderliggende biologische processen bij vroeg en bij later begonnen kinder-MS van elkaar zouden kunnen verschillen. Deze bevindingen zouden een diagnose bij deze leeftijdsgroep kunnen vertragen. Het zou wel eens nodig kunnen zijn de MRI-criteria voor het vaststellen van MS vóór de puberteit te herzien.

MS die al voor de puberteit begint kan een heel eigen klinisch beeld hebben. Kinderen met MS voldoen minder vaak aan de diagnostische criteria bij een MRI voor volwassenen. Of het aanvankelijke MRI-beeld verschilt bij pre-pubers met MS is onbekend.

Daarom zochten onderzoekers in de gegevens van de Universiteit van San Francisco naar kinderen met MS, die was begonnen bij 18 jaar of jonger en die een hersen-MRI ondergingen binnen drie maanden na het optreden van de eerste symptomen. Zij bepaalden het totale aantal en het aantal scherp te onderscheiden, ovale laesies. Verder grote, elkaar overlappende en bij gebruik van contrastvloeistof beter te onderscheiden laesies. Zij vergeleken hun gegevens van een groep van kinderen met vóór de leeftijd van elf jaar begonnen MS met een groep met latere MS, voor het eerst opgemerkt na het elfde jaar. De bij een volgend bezoek gemaakte tweede MRI hersenscan gebruikten zij om te kijken in welke mate laesies waren verdwenen.

De onderzoekers beschikten over gegevens van dertien kinderen met vroeg begonnen MS met een leeftijd tussen drie en elf jaar. Vijf van hen waren meisjes. Gemiddeld waren zij bijna negen jaar oud Zij selecteerden verder achttien kinderen bij wie de MS begon bij een leeftijd tussen twaalf en achttien jaar. Daarbij waren elf meisjes. Gemiddeld was hun mediane leeftijd vijftien jaar.

Terwijl het totale aantal T2-laesies (zie woordenlijst) in beide groepen gelijk was, hadden de kinderen met vroeg begonnen MS een kleiner aantal scherpbegrensde ovale T2-laesies. De mediaan daarvan was 7 tegen ruim 20 bij de oudere groep. Zij hadden ook vaker elkaar overlappende laesies op hun eerste MRI dan degenen bij wie de MS later was begonnen. Dat was bij vier kinderen het geval en kwam bij de oudere groep niet voor. Van de dertien kinderen met vroeg begonnen MS hadden twaalf een vermindering van het aantal T2-laesies op de tweede scan, tegen vijf van de achttien kinderen bij wie de MS later was begonnen.

Bron: Chabas D, Castillo-Trivino T, Mowry EM, Strober JB, Glenn OA, Waubant E. – UCSF Regional Pediatric Multiple Sclerosis Center, San Francisco, USA
Neurology 2008 Sep 30;71(14):1090-3

Samenvatting

Dit bericht heeft 0 reacties
Klik op een tabblad om aan te geven hoe u wilt reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top