skip to Main Content

Wat doen steroïden bij MS?

Wat zijn steroïden? *

Steroïden (zoals methylprednisolon) zijn al meer dan dertig jaar de voornaamste mogelijkheid om een Schub onder controle te krijgen. Maar er zijn geen duidelijke regels over het gebruik van deze middelen. Wanneer en in welke dosis moet de arts steroïden voorschrijven?

De medische wetenschap heeft niet echt een verklaring voor de werking van steroïden bij MS. Maar de eigenschappen van steroïden zorgen er wel voor dat je sneller herstelt van een Schub. Bij zo’n Schub vermindert de werking van de bloed-hersen-barrière. Steroïden werken mee aan de stabilisering van deze barrière en gaan ‘doorlekken’ tegen. Dit is waarschijnlijk de belangrijkste eigenschap bij de behandeling van een Schub.

Bij een Schub kunnen verder ontstekingen en verlies van beschermende myeline rondom de zenuwvezels van het centrale zenuwstelsel voorkomen. Steroïden kunnen de aanval van het immuunsysteem op de eigen myeline temperen en ontstekingen verminderen. Steroïden zijn actief in elke fase van het ontstekingsproces en kunnen de eerste koorts en zwellingen verminderen. Daarnaast gaan ze de oorzaken van chronische (langdurige) ontstekingen tegen.

“Ik ben al vaak opgeknapt van een Schub door steroïden te gebruiken”, zegt een patiënt die sinds 1991 MS heeft. “Die medicijnen werken goed en daarom vraag ik erom bij de dokter als ik een Schub heb. Het remt de MS-aanval en de symptomen beginnen veel sneller te verbeteren. De behandeling zelf is niet prettig en de bijwerkingen ook niet, maar persoonlijk heb ik dat liever dan de bijwerkingen van de aanval zelf. Voor mij zijn steroïden het verschil tussen zien of niet zien, en lopen of niet lopen.”

Steroïden zorgen niet voor direct herstel. Met steroïden herstel je sneller van een Schub maar ze hebben geen invloed op de mate van herstel. Er is geen bewijs om aan te nemen dat steroïden de progressie van MS vertragen of symptomen op de lange termijn verbeteren.

Orale of intraveneuze steroïden

“We weten dat een Schub door MS-patiënten meestal niet aan de specialist gemeld worden”, zegt dr. Barnes van het St. Peter’s Hospital in Surrey. “Veel patiënten melden een minder hevige aanval simpelweg niet, of ze nemen contact op met de huisarts. Die schrijft dat een orale steroïdenkuur voor zonder door te verwijzen naar de neuroloog.”

Bij het voorschrijven van steroïden is er veel variatie in zowel de wijze van toediening als de dosis die wordt toegediend. De keuze voor steroïden om een terugval te behandelen gaat hoofdzakelijk tussen intraveneuze methylprednisolon (ivMP) en orale prednisolon (OP). Dexamethason wordt ook gebruikt en over het algemeen oraal toegediend in een tienvoudig zwakkere dosis dan OP.

Uit onderzoek blijkt dat de meerderheid van de neurologen eerst kiest voor intraveneuze toediening (ivMP) bij een hevige Schu. Wellicht is deze voorkeur meer gebaseerd op intuïtie en gewoonte dan op zuiver wetenschappelijk bewijs.

Twee klinische onderzoeken gehouden van midden tot eind jaren negentig, geven in ieder geval stof tot nadenken. Eén onderzoek liet zien dat wanneer de oraal toegediende dosering even hoog is als de intraveneuze, er geen verschil is tussen de beide behandelingen. Zie The Lancet 1997; 349: 902-6. De keuze van de soort steroïde bleek minder belangrijk, zolang de hoogte van de doses maar voldoende was. Bij deze onderzoeken deden relatief kleine aantallen patiënten mee, zodat de resultaten geen afdoende bewijs zijn dat een orale steroïde even doeltreffend is als een intraveneuze steroïde.

De onderzoekers zeggen wel, dat wanneer de intraveneuze kuur geen duidelijke voordelen heeft, men beter orale dan intraveneuze steroïden kan voorschrijven bij een acute Schub, vanwege het gemak van de patiënt, de veiligheid en de kosten.

Praktische richtlijnen bij het gebruik van steroïden

Je kunt steroïden het beste altijd nemen onder toezicht van een arts. Daarnaast is het niet goed om bij een Schub lukraak steroïden voor te schrijven. “Bij de overweging welke MS-aanvallen met steroïden zouden moeten worden behandeld, is het niet essentieel om het aantal keren dat iemand in het verleden steroïden heeft gekregen daarbij te betrekken maar over het algemeen is het toch verstandig om het aantal kuren indien mogelijk te beperken tot bijvoorbeeld drie per jaar”, zegt dr. Barnes.

Volgens dr. Barnes dient “het besluit om steroïden te nemen op z’n minst gedeeltelijk gebaseerd te zijn op de hevigheid van de Schub en de mate van afnemend functieverlies en handicap ten gevolge van de aanval”. Dit is vaak individueel bepaald. Wat voor de één een belemmering vormt, kan de ander slechts als ongemak ervaren en MS-aanvallen die geen functieverlies als gevolg hebben zullen meestal naar tevredenheid herstellen zonder dat behandeling nodig is.

Daarnaast is het goed om het type MS-aanval te bepalen voordat de arts steroïden voorschrijft. Bij optische neuritis (oogzenuwontsteking) worden steroïden over het algemeen alleen aanbevolen wanneer er sprake is van ernstig verlies van gezichtsvermogen, ontsteking en hevige pijn. Kunnen steroïden daadwerkelijk de eindbalans van een hevige aanval van optische neuritis verbeteren? Ook hierover zijn de meningen verdeeld, maar recente informatie lijkt te bevestigen dat steroïden de mate van herstel niet beïnvloeden. Bij minder hevige aanvallen is het algemeen beleid om het maar “uit te zitten”.

Het is ook het overwegen waard om steroïden te gebruiken bij aanvallen die hersenfuncties raken, bijvoorbeeld coördinatie- en evenwichtsverlies, of problemen met het spraakvermogen.

Het feit dat er geen harde cijfers zijn over wanneer men steroïden gewenst zijn, kan voor onenigheid zorgen. Iemand schreef ons: “De neuroloog vindt het nog altijd niet prettig dat ik me mondig opstel over mijn behandeling. Altijd maar weer die betuttelende houding; het is behoorlijk ergerlijk. Bij mij heeft de behandeling met steroïden goed gewerkt. Waarom moet ik dan telkens weer die strijd aangaan om serieus te worden genomen?”

Dr. Barnes: “Tot op zekere hoogte is het besluit om steroïden te nemen bij een Schub gebaseerd op persoonlijke ervaring en voorkeur, waarbij de meningen van de arts en de patiënt worden samengebracht”.

Uit onderzoeken onder neurologen blijkt dat er veel variatie is in het soort steroïden en de doses die voorgeschreven worden. Hieronder staan een aantal gangbare kuren van orale en intraveneuze steroïden die neurologen voorschrijven bij een hevige Schub. Neurologen zullen echter verschillen van standpunt, omdat hun mening gevormd wordt op basis van vele jaren ervaring.

  • Intraveneuze steroïden:
  • Intraveneuze methylprednisolon dagelijks 1 gr. gedurende drie dagen, of 0,5 gr. gedurende vijf dagen, of
  • Orale steroïden:
  • Orale prednisolon, afnemend gedurende ongeveer drie weken, te beginnen met 60 gram. Bijvoorbeeld: 60, 45, 30, 15 en 5 mg., elk gedurende vijf dagen.

Dit zijn de meest voorgeschreven kuren, maar er zijn ook andere kuren die ook goed zijn. Door behandeling met steroïden wordt de eigen steroïdenproductie van het lichaam onderdrukt. Het kan gevaarlijk zijn om plotseling met een steroïdenbehandeling te stoppen. Daarom wordt een behandeling van meer dan een paar weken geleidelijk afgebouwd, zodat de lichaamsklieren de kans krijgen om de normale steroïdenproductie te hervatten. Over het algemeen zijn de steroïdenkuren die bij MS worden gebruikt niet zo langdurig dat je je zorgen hoeft te maken over ontwenningsverschijnselen.

De bijwerkingen van steroïden

Alle medicijnen hebben ongewenste bijwerkingen. Omdat het verloop van MS zich vaak uitstrekt over tientallen jaren zijn de bijwerkingen op zowel korte als lange termijn van belang.

Tijdens de toediening van steroïden krijgen mensen soms een metaalsmaak in de mond. Wanneer de naald onjuist wordt ingebracht, wordt de plaats van injectie soms gezwollen en pijnlijk. Verhoogde hartslag, “opvliegers”, of een rood gezicht kan ook voorkomen.

Anderen kunnen last krijgen van slaapproblemen en verhoogde urinedrang, vooral ’s nachts. Het gebruik van steroïden kan ook invloed hebben op de gemoedstoestand. Sommige mensen kunnen een gevoel van euforie ervaren, waardoor ze gaan denken dat er een werkelijke vooruitgang heeft plaatsgevonden bij hun MS.

Iemand anders laat weten dat ze de steroïden die ze neemt, omschrijft als haar “kwaaie pillen”. Bij een klein aantal mensen kunnen de toppen en dalen van hun stemmingswisselingen zo hevig zijn dat ze overige medicijnen nodig hebben, zoals lithium of carbamazepine (Tegretol).

Het vooruitschuiven van problemen naar de lange termijn is ook een punt van aandacht. De bijwerkingen van steroïden op de lange termijn hoeven geen reden tot ongerustheid te zijn, tenzij iemand buitensporig veel steroïden gebruikt. De bijwerkingen op de lange termijn zijn onder andere:

  • Vetophoping (vollemaans gezicht, toegenomen tailleomvang)
  • Spierverslapping met als gevolg dunne armen en benen
  • Diabetes, door een verstoring van de suikerstofwisseling
  • Osteoporose (botontkalking), toegenomen risico op botbreuken
  • Slijtage van het heupgewricht
  • Acne
  • Bloeduitstortingen
  • Staar
  • Verminderde weerstand tegen infectie (en de mogelijkheid infecties niet op te merken, omdat steroïden de koorts die daarbij hoort, onderdrukken)
  • Wonden genezen mogelijk minder snel
  • Maagzweren

Het gebruik bij andere types MS

De meeste neurologen schrijven alleen steroïden voor bij relapsing-remitting MS; niet bij andere typen MS, tenzij er sprake is van een opgebouwde exacerbatie die zo hevig is dat het voorschrijven van steroïden gerechtvaardigd is.

Desalniettemin vinden veel medici dat je de toestand van een MS-patiënt met een progressief neurologisch functieverlies niet achteruit kan laten gaan zonder minstens één keer een steroïdenkuur voor te schrijven. In sommige gevallen is het de moeite waard om een kuur toe te dienen en het risico is minimaal.

De toekomst

Nieuwe medicijnen als bèta-interferon zijn medicijnen die de ziekte zelf raken. Deze medicijnen kunnen de natuurlijke progressie van MS beïnvloeden. Steroïden raken MS niet, maar bespoedigen wél het herstel van een Schub. Aan mensen die bèta-interferon gebruiken kan men bijvoorbeeld ook steroïden voorschrijven om een Schub beter onder controle te krijgen.

Steroïden zullen ongetwijfeld een nuttig wapen blijven in de strijd tegen MS. Er is nog veel onderzoek nodig om de beste wijze van toediening te bepalen. Het wachten is al veel te lang op uitgebreide en goed uitgewerkte klinische onderzoeken op het gebied van de zaken die we in dit artikel hebben besproken.

* Wat zijn steroïden?

Steroïden zijn een groep verbindingen die van nature voorkomen in het menselijk lichaam. Verschillende steroïden zijn ook hormonen die verband houden met de coördinatie en het onder controle houden van een grote verscheidenheid aan lichaamsfuncties. De steroïdenmedicijnen die gebruikt worden om een Schub te behandelen zijn synthetische versies van corticosteroïden. Dit zijn hormonen die normaal geproduceerd worden in het menselijk lichaam door de bijnieren die zich net boven de nieren bevinden. Van deze corticosteroïden is het een subtype, de glucocorticoïden, dat werkzaam is bij MS. Wanneer steroïden als medicijn worden toegediend, zijn de hoeveelheden groter dan de hoeveelheden die normaal in het lichaam zijn terug te vinden.

** Met dank aan MS-Matters voor de overname. De vertaling is van K. van Sittert, student aan de Letterfaculteit KU Nijmegen;

MS Matters april 2000
Update in 2010

Behandeling met Dexamethason

Mensen met MS die met een plotselinge terugval, een exacerbatie te maken krijgen, kunnen in het Academisch Ziekenhuis Groningen sinds een jaar of drie kiezen voor een behandeling met Dexamethasan. Dit middel kan ook in tabletvorm worden verstrekt en valt daarmee als patient-vriendelijke behandeling aan te merken.

Door: Prof.dr. J.H.A. De Keyser*

Exacerbaties worden gewoonlijk behandeld met een hoge dosis (500-1000 mg) in de ader gespoten, intraveneus Methylprednisolon, een corticosteroid. De duur van de behandeling varieert van drie tot tien dagen. In de meeste ziekenhuizen wordt de behandeling gedurende vijf dagen gegeven. Sommige neurologen geven in aansluiting ook een afbouwschema mee.

De reden waarom verschillende neurologen verschillende behandelingsschema’s hanteren is dat de optimale dosering en de duur van de behandeling nooit goed is onderzocht. Wel lijkt een lage dosis Methylprednisolon geen goed effect te hebben.

De intraveneuze behandeling vindt meestal plaats in het ziekenhuis of op de polikliniek. In sommige regio’s, zoals in het noorden van Nederland, zijn afspraken gemaakt met huisartsen om deze behandeling ook thuis te kunnen toedienen. De behandeling slaat niet steeds aan. In de meeste gevallen is evenwel een effect merkbaar vanaf de derde dag na het starten van de therapie.

Dexamethason

Het middel Dexamethason, eveneens een corticosteroid, wordt in de neurologie vaak gebruikt bij toestanden van hersenoedeem. Italiaanse onderzoekers hebben enige tijd geleden aangetoond dat bij exacerbaties van MS een behandeling met intraveneuze Dexamethason evengoed blijkt te zijn als een behandeling met intraveneuze Methylprednisolon. In de praktijk wordt Dexamethason vooral langs de orale weg toegedien, via de mond dus.

Het Academisch Ziekenhuis Groningen gebruikt sinds een drietal jaar orale Dexamethason voor de thuisbehandeling van exacerbaties van MS. Alhoewel dit niet dubbelblind is onderzocht, vond Groningen dat deze eenvoudige behandeling ook efficiënt werkt. Bij de keuze voor dit middel voelt het ziekenhuis zich ondersteund door de uitkomsten van de studies naar intraveneuze toediening van Dexamethason.

De artsen in Groningen gebruiken een dosis van 16 mg Dexamethason per dag gedurende 5 dagen. De neveneffecten zijn beperkt. Soms klaagt patient over wat maagklachten, opgezwollen of rood gelaat en slapeloosheid. Deze klachten verdwijnen na het staken van de behandeling. Meestal geeft het Ziekenhuis Groningen aan patiënten zelf de keus om te kiezen tussen een intraveneuze behandeling met Methylprednisolon in het ziekenhuis of eventueel thuis, of een thuisbehandeling met Dexamethason. De meeste patiënten kiezen het laatste.

Thuis

De meeste patiënten hebben ook thuis de nodige tabletten voor een kuur in hun bezit. Het voordeel is dat de behandeling na overleg met patiënt of de huisarts, zelfs voordat patiënt in het ziekenhuis kan worden gezien, reeds kan worden gestart.

Een ander voordeel is dat patiënt de tabletten mee kan nemen op reis, bijvoorbeeld in streken waar de medische hulp niet altijd aangepast is of ontoereikend is. In het geval dat er geen effect van de behandeling is waar te nemen, kan patiënt in aansluiting nog steeds een kuur met intraveneuze Methylprednisolon toegediend krijgen.

Van belang is dat als patiënten de behandeling reeds starten voordat ze door de neuroloog zijn gezien, dat de neuroloog zijn patiënt goed kent en er zeker van is dat er geen contra-indicaties ontstaan voor een dergelijke behandeling.

* Prof.dr. J.H.A. De Keyser is hoofd van de Afdeling Neurologie van het Academisch Ziekenhuis Groningen.

MenSen 2001, nr. 1

Back To Top