skip to Main Content

‘Bij MS krimpen de hersenen sneller dan normaal’ (33)

‘Bij MS Krimpen De Hersenen Sneller Dan Normaal’ (33)

MS-onderzoek in Nederland (33): drs. Veronica Popescu

In Nederland zijn vele wetenschappers op zoek naar de antwoorden op de vragen die met MS samenhangen. Hooggekwalificeerd onderzoek, eind vorige eeuw extra gestimuleerd door de benoeming van dr. Chris Polman tot MS-professor aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Met hem begon MSzien zeven jaar geleden deze artikelenserie. Vraaggesprekken met wetenschappers van wie sommigen vooral op zoek zijn naar de oplossingen voor MS, anderen naar de oorzaken. Daar een beetje tussenin zit drs. Veronica Popescu.

Door: Raymond Timmermans

mszien-141210-ms-onderzoek-popescu1Ze mag dan van origine Roemeense zijn, en af en toe een woord zoeken in het Nederlands, haar uitleg is niet mis te verstaan. “De hersenen van mensen met MS krimpen waarneembaar 5 tot 6 keer sneller dan bij gezonde mensen. Dat moet een reden hebben. Maar welke? Dat willen we weten”.

Veronica Popescu (1978) voelt dat ze, werkend en studerend aan het medisch centrum van de Vrije Universiteit in Amsterdam (VUmc), een stuk dichter bij de antwoorden is gekomen. Maar tegelijkertijd beseft ze dat ze het einde van haar zoektocht naar de redenen voor die hersenkrimp nog lang niet heeft bereikt. “En of ik ooit zover kom, is zeer de vraag. Het enige dat ik nog maar heb gevonden is een meetmethode, maar wel zo dat de neuroloog daar iets aan kan hebben”.

Hersenkrimp, afbraak van hersenweefsel, ook wel atrofie genoemd. Voor mensen met MS een schrikbeeld. Want daar hoort het etiket cognitieve stoornissen bij, storingen in denkprocessen, zoals aandacht, concentratie en geheugen.

Ze probeert je gerust te stellen. “Op zichzelf leidt die krimp niet tot problemen, niet zomaar. De absolute cijfers vallen trouwens ook wel mee, want ik heb het over een krimp van gemiddeld 0,6 tot 1,2 procent per jaar. En dat is weliswaar ongeveer drie keer zo snel als normaal bij gezonde mensen maar tegelijkertijd bijvoorbeeld drie tot vier keer langzamer dan bij de Ziekte van Alzheimer”.

Grijze en witte stof

Volgens haar lijkt het erop lijkt dat de atrofie begint in de diepe, ‘grijze stof-structuren’ midden in de hersenen en zich van daaruit verspreidt naar de buitenkanten, de hersenschors. “De oorzaak hiervan lijkt te liggen bij de celkernen, waar ook de centrales liggen van de denkprocessen”.

Ze grijpt daarmee terug naar de theorie van prof. Jeroen Geurts, een van haar leermeesters, die aan het woord kwam in deel 26 van deze serie. Veronica Popescu: “Steeds meer onderzoekers – en Jeroen voorop – gaan er vanuit dat MS niet alleen een ziekte is van de witte verbindingen tussen de verschillende hersencellen, waar kortsluiting ontstaat door de aantasting van het beschermende omhulsel, de myeline, maar zeker ook van de grijze hersencentrales, de kernen, de schakelstations. En nu ik dus kan zien dat er sprake is van krimp van de massa grijze stof bij MS, acht ik het zeer waarschijnlijk dat dié krimp de verstoring van de communicatie tussen de hersencellen kan verklaren”.

Maar net als hoogleraar Geurts is ook zij een wetenschapper van enerzijds, anderzijds. “Wat ook kan, is dat eerst, door de problemen met de witte stof, sprake is van een communicatieprobleem. En dat de hersencellen hieronder leiden en pas daarna gaan krimpen. Precies andersom dus”.

Onder de microscoop

Die onzekerheid verklaart ze door te wijzen op het feit dat het zenuwstelsel alleen goed valt te bestuderen na iemands dood, met plakjes hersenen onder de microscoop. Dat heeft ze samen met haar VUmc-studiegenoot Roel Klaver anderhalf jaar lang gedaan met hersenen van mensen die MS hebben gehad. Letterlijk millimeter voor millimeter geanalyseerd. Allemaal ingevoerd in een computer. Een van de zes studieprojecten waarmee ze de laatste jaren bezig is geweest.

“Maar al is dat ontzettend waardevol, het leert ons niet wat er gebeurt bij het ontstaan van MS. Zo langzamerhand denk ook ik steeds sterker dat het begint mis te gaan in de grijze zenuwcellen. Maar er zal toch echt meer onderzoek nodig zijn om dit aan te tonen”.

Waarbij zij een rol wil spelen. Als het even kan met nieuwe technieken om scans, foto’s te maken van de hersenen van levende mensen, met een procedure om de verandering in zowel de grijze stof als de witte stof beter zichtbaar te maken. “Niet langer alleen maar in het platte vlak zeg maar, tweedimensionaal, maar ook dat je het volume kunt zien, driedimensionaal. Metingen om een bepaald proces in het lichaam aan te tonen, een bepaalde biologische toestand te markeren. In het Engels noem je die biomarkers”.

icoMetrix

mszien-141210-ms-onderzoek-popescu3-icometrixDaar heeft ze zich in vastgebeten. Zich gemeld bij het bedrijf icoMetrix, gevestigd in het Belgische Leuven, niet ver van de universiteit daar. Een bedrijf gespecialiseerd in dit systeem van biomarkers. “Dit bedrijf is in 2011 ontstaan als een aparte zelfstandige eenheid, een spin-off, van universitair werk. Er zijn nu zo’n vijftien mensen in dienst. Hun belangrijkste product is een computerprogramma voor het compleet automatisch meten van volumes en veranderingen in de witte en de grijze stof in de hersenen, plus de ontstekingsplekken, de laesies. Vooral om daarmee iets te kunnen doen bij behandeling van mensen met MS. Want als je preciezer kunt zien wat de activiteit is van de MS, kun je daarop reageren als arts”.

Sinds september 2014 is Veronica Popescu bij icoMetrix zakelijk leider van de MS-eenheid. “Zorgen dat projecten op tijd lopen, checken van resultaten van nieuwe technieken dat soort dingen. Waarbij me van pas komt dat ik aan de universiteit in Boekarest ook de studie voor Master Project Management heb gedaan”.

Vijf dagen per week, vanaf acht uur ’s ochtends. Beschikt daarvoor over een woonstudio in Leuven waar ze begin van de week met de trein heen gaat – kleine drie uur reizen – en aan het eind weer van terugkeert naar haar appartement in Gouda. “In mijn resterende vrije tijd probeer ik dan mijn werk af te ronden voor mijn doctorstitel, hopelijk voor de zomer 2015”. Waarvoor ze haar onderzoek aan het VUmc moet afsluiten met een wetenschappelijke boek, een proefschrift, dat ze ook moet verdedigen. Zodat ze kan promoveren tot doctor in de medische wetenschappen.

Vrije tijd is overigens een tamelijk ruim begrip bij haar: was tot voor kort betrokken bij de discussiegroep Toastmasters in Den Haag, daarnaast een tamelijk fanatiek hardloopster. “Ik ben ingeschreven voor de 10 kilometer Haagse City-to-City-loop in maart 2015”. Leest in bijna elk verloren uurtje alles wat los en vast zit en als het even kan in de originele taal. “Heb ik al verteld dat ik januari met Frans ga trouwen?” Haar Nederlandse vriend; werkt in Zoetermeer.

Globetrotter

Tamelijk lange vrouw, priemende bruine ogen, beweeglijke handen. Veel kenmerken van een wereldreiziger, globetrotter. Geen stilzitter. Geboren in Roemenië, ten tijde van het communistische regime van Ceaușescu. Moeder taalkundige, vader mechanisch ingenieur. “Ik ben enkel kind. De familie was middle-class. Redelijke inkomsten, maar dat was het probleem niet: er was niets te koop, zelfs voedsel was schaars”.

Spreekt inmiddels met gemak vijf talen, naast Roemeens ook Nederlands, Engels, Frans en Italiaans. “Mijn moeder was visionair, durf ik te zeggen. Heeft een vrouw gevonden om mij lessen Engels te geven. Ik was toen drie. Ongekend. Zo vroeg begon niemand met vreemde talen. Vier jaar later ben ik bij dezelfde dame aan de Franse taal begonnen. Mijn moeder heeft ervoor gezorgd dat ik na de basisschool op een gymnasium terechtkwam waar er – ook heel bijzonder – geen Russisch werd onderwezen maar wel Frans en Duits. En van die taalbasis heb ik nu nog elke dag voordeel”. Nederlands heeft ze vooral geleerd op basis van een internetcursus. “En Italiaans en Spaans zijn heel makkelijk voor Roemenen, door de Latijnse oorsprong van de taal”.

In Boekarest naar de universiteit. Daar zes jaar geneeskunde gestudeerd. Sindsdien arts/doctorandus. Steeds meer belangstelling voor neurologie. Ook die studie afgerond.

Amsterdam

mszien-141210-ms-onderzoek-popescu2Haar besluit naar de VUmc in Amsterdam te gaan dateert van zomer 2004. Daar werkte toen prof. Radu Manoliu, van Roemeense oorsprong: afdelingshoofd radiologie, oftewel het met straling zoeken naar letsels en aandoeningen. Manoliu organiseerde in die zomer in Roemenië een cursus over een techniek waarmee je met magneetvelden in het brein kunt kijken: Magnetic Resonance Imaging, MRI. “Ik heb daaraan meegedaan en hem daarna gevraagd of ik misschien een stage zou kunnen lopen in Amsterdam. Zo kwam ik bij de bekende hoogleraar radiologie Frederik Barkhof terecht. En voor mijn gevoel ben ik daar eigenlijk niet meer weg geweest”. Barkhof is nu ook haar promotor, de begeleidende, toezichthoudende hoogleraar voor haar promotie tot doctor.

Na een stage in Amsterdam is ze overigens nog even teruggegaan naar Boekarest om de opleiding tot neuroloog af te ronden. Daarna via de Franse arts prof. Charlotte Cordonnier die ze in Amsterdam had ontmoet – in verband met een project over Alzheimer – gewerkt in het Franse Lille. Tussendoor nog drie maanden actief als neuroloog in een kleine polikliniek op het Roemeense platteland niet ver van Boekarest. In deeltijd onderzoek gedaan met patiënten die een hersenbloeding hadden gehad. Vervolgens de banden weer aangetrokken met Amsterdam, ook al omdat ze bij zichzelf ontdekte meer onderzoeker te zijn dan arts.

Inmiddels al een tiental medisch-wetenschappelijke publicaties – mede – op haar naam, en ook af en toe een internationale prijs. Zo kreeg ze in oktober 2013 een zogeheten Du Pré-subsidie van de Internationale MS-federatie, de MSIF. Besteedde dat geld aan nader onderzoek naar het meten van atrofie bij MS in de Cleveland Clinics in Ohio (Verenigde Staten). “Daar komt ook wat van in mijn proefschrift want ik heb daar meegewerkt aan het vergelijken van verschillende MRI-methodes”.

Vast van plan in Nederland te blijven. “Maar intussen dus werkzaam bij icoMetrix in België.
Daarmee dan niet steeds verder af van het vak van MS-wetenschapper?
“Echt niet. Het computerprogramma dat hier is ontwikkeld kan voor de behandeling van de MS-patiënt heel belangrijk worden. De neuroloog kan hiermee beschikken over gegevens die helpen bij het aanpassen van de medicatie of het adviseren van een therapie. We praten daarover al met het MS-centrum in Amsterdam. Pleiten er ook voor om deze procedure opgenomen te krijgen in het pakket voor de neuroloog dat vergoed wordt door de ziektekostenverzekeraar”.

Met een schuine blik kijkt ze op haar computer naar een MRI-scan.
Hoeveel zal ze er inmiddels al gezien hebben van mensen met MS?
“Zeker duizend. Misschien wel meer”. Er zullen er vast nog vele bijkomen.

Doet denken aan de woorden van de beroemde Roemeense dichter Mihai Eminescu, verplichte stof in haar schooljaren. Sunt ani la mijloc si-mca multi vor trece…
Wat zoveel betekent als: Al deze jaren… en gelukkig nog zoveel jaren te gaan…

“Mooie woorden. Wekken veel emoties op. Ik was hem vergeten de laatste jaren, jammer!” Uitgesproken met een langgerekte Roemeense a.

En voor je het weet rent ze al weer weg.

MSzien is deze artikelenserie begonnen in het voorjaar van 2007. Eerder kwamen aan het woord prof. dr. Chris Polman, prof. dr. Frederik Barkhof, prof. dr. Rogier Hintzen, prof. dr. Jon Laman, prof. dr. Erik Boddeke, dr. Eric Ronken, drs. Hugo Hurts, dr. Sandra Amor, dr. Inge Huitinga, dr. Wia Baron, dr. Leonie Boven, dr. Bert ’t Hart, dr. Jeffrey Bajramovic, dr. Brigit de Jong, prof. dr. Raymond Hupperts, dr. Freek Verheul, dr. Sjef Jongen, dr. Stephan Frequin. prof. dr. Jacques De Keyser, prof. dr. Otto Roelf Hommes, prof. dr. Bernard Uitdehaag, drs. Dorine Siepman, dr. Wieneke Mokkink, Marco Heerings (Nurse Practitioner) , prof. dr. Elga de Vries, dr. Lizette Ghazi-Visser, prof. dr. Jack van Horssen, prof. dr. Piet Stinissen, prof. dr. Jeroen Geurts, dr. Thea Heersema, drs. Hanneke Hulst, dr. Inge Huitinga, dr. Immy Ketelslegers en dr. Menno Schoonheim.
Alle artikelen in deze serie zijn geschreven door Raymond Timmermans. Eindredacteur is Louis Weltens.
MSweb archiveert de artikelen in de rubriek Meer over MS > wetenschap  onder het motto: ‘MS-onderzoek in Nederland’. De meest recente afleveringen zijn ook te vinden in de rubriek Magazine.


Eerder verschenen in MSzien magazine, Jaargang 13, december 2014

Dit bericht heeft 0 reacties
Klik op een tabblad om aan te geven hoe u wilt reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Back To Top