skip to Main Content
Dat Ik De RR-vorm Heb Vind Ik Nog Wel Leuk:

Dat ik de RR-vorm heb vind ik nog wel leuk:

Ik heet per slot Richard Rozing

Richard Rozing (1976) uit Velsen woont net drie maanden samen met Joyce als hij te horen krijgt dat hij MS heeft. Dat is nu ruim een jaar geleden. In eerste instantie reageert Richard alsof er niets aan de hand is. Hij blijft gewoon keihard doorwerken. Maar de realiteit haalt hem in. Verschillende Schubs zorgen ervoor dat hij zijn MS echt onder ogen moet zien. Maar gelukkig is er licht aan het einde van de tunnel.

Door: Nora Holtrust

a9dportretrichard4De wereld van Richard Rozing stort in een periode van nauwelijks twee weken even helemaal in. Richard, in september 2002 nog een gezonde stevige jongeman, actief handballer, af en toe tennissen, krijgt in het weekend last van een waas voor zijn linkeroog. Als hij met zijn klacht naar de oogarts gaat, stuurt die hem met spoed door voor een MRI-scan. Precies een week later vertoont het andere oog ook kuren. Richard zelf denkt aan een hersentumor. De oogarts zegt meteen dat hij aan MS denkt. De officiële uitslag volgt niet lang daarna.”Ik wist toen helemaal niet wat MS inhield. Nou ja, net zo veel als de gemiddelde leek. Je herinnert je van de TV-reclame een verlamd meisje dat in de armen van haar vriend of misschien haar vader hangt. Op het moment van de diagnose dacht ik: ja, maar dát is toch niet MS. Nou ja, natuurlijk zal het wel MS zijn, maar aan mij kun je toch niet zien dat ik ziek ben? Dan zal het eerst nog een stuk erger moeten worden”.De arts begon over een prednisonkuurtje, maar daar wilde Richard niets van weten. “Ik had al een vakantie gepland en die moest gewoon doorgaan. Ik ging wel van alles lezen. Wat is het, wat doet het en vooral wat is er aan te doen”.

Wegwezen

Richard vertelt dat hij in november ook naar de MS-dag in de RAI ging, maar dat die bijeenkomst als een nachtmerrie op hem overkwam. ” Ik was met mijn vriendin en ik dacht nog bij mezelf: mensen kunnen niet zien wie van ons tweeën MS heeft. In de hal boven gaven ze toen juist een modeshow van kleding voor mensen in een rolstoel. Ik zei tegen mijn vriendin: Wegwezen hier, en we zijn het centrum van Amsterdam ingegaan. Met andere woorden: ik was er helemaal niet aan toe om daar zo keihard mee geconfronteerd te worden”.Richard en Joyce wonen in Velsen-Noord, een dorp met 2500 brievenbussen. Dat weet Richard van het folders rondbrengen. Richard groeit er op. Beide ouders werken hard. “Mijn moeder had en heeft een winkel in het dorp, eerst kaas, toen sigaren en nu een grote gemakswinkel. Mijn vader was tot voor kort zelfstandig ondernemer, een groothandel in wenskaarten en dergelijke”. Voor Richard en zijn jongere zus hebben de ouders niet zo heel veel tijd. “Wij moesten onze eigen boontjes doppen. Als ik een broek aanwilde die niet gestreken was, moest je de strijkbout pakken. Of als je kleren vies waren, dan zette je de wasmachine aan”. Wellicht door te weinig aandacht, denkt Richard, raakte hij het rechte spoor een beetje kwijt. Spijbelen, beetje gokken, school niet afmaken…Maar op een gegeven moment weet hij zijn leven toch weer op de rails te krijgen, waaraan de ontmoeting met zijn vriendin wellicht heeft bijgedragen. Zijn vriendin, die al die jaren hemelsbreed maar honderd meter bij hem vandaan woonde, ontmoette hij pas vier jaar geleden via het werk in Haarlem. Richard haalt zijn middenstandsdiploma, werkt een poosje in de groothandel van zijn vader en gaat tenslotte bij een bedrijf in dvd’s aan de slag. Inkoop, verkoop, lekker veel praten, daar is Richard goed in. In zijn vrije tijd is hij veel op de handbalvereniging te vinden. Zeven of acht uur trainen per week is geen uitzondering. En dan op zaterdag nog wat energie kwijt op de tennisbaan.

Samenwonen

In juli 2002 gaan Richard en Joyce samenwonen en drie maanden later krijgen ze te horen dat Richard MS heeft. Eerst herneemt het leven eigenlijk vrij snel zijn gewone loop. Richard blijft gewoon aan het werk, maakt lange dagen. Zijn vriendin zo mogelijk nog langer. Maar voor Richard betekent het steeds meer dat hij om vijf uur naar huis gaat, meteen op de bank ploft en om zeven uur zijn bed in duikt. Een bijdrage leveren aan het huishouden of iets gezelligs doen in het weekend, dat is er niet meer bij.In februari krijgt hij een tweede Schub. Zijn benen zijn dan super slecht. “Ik had totaal geen kracht meer, kon nog net lopen”. Nu neemt hij wel een prednison-kuurtje, van drie dagen. De kuur helpt goed en Richard gaat meteen weer aan het werk. “Ik heb in die tijd ook een paar gesprekken gehad met een psycholoog. Tot die tijd was voor mij een psycholoog iemand voor gekken. Ik had er een beetje angst voor. Op TV zie je dan van die psychologen die je helemaal gaan zitten uitmelken”.Maar hij geeft nu toe dat hij best profijt van die gesprekken heeft gehad. Verschillende keren komt hij terug op het beeld dat de psycholoog hem schetste. Over het leven, dat je kunt zien als een tunnel en aan het einde van de tunnel kun je licht zien. Een tunnel die nu is ingestort, maar op een gegeven moment ga je toch dat licht weer zien. “En ja, dat licht dat zie ik nu wel weer”.

RR-vorm

f40portretrichard2In juli opnieuw een Schub; weer prednison. De neuroloog waarschuwt hem: “Jongen, als je zo doorgaat, zit je over een paar jaar in een kar. Je hebt mensen die over twintig jaar nog staan te tennissen, maar jij hebt de RR-vorm en jij hoort daar niet bij. En hij heeft gelijk gekregen, want na twee maanden kon ik al niet meer handballen. Maar dat ik de RR-vorm heb, vind ik dan nog wel leuk. Ik heet per slot Richard Rozing”. RR, oftewel Relapsing Remitting, een snelle opvolging van periodes van terugvallen en herstel. De tweede kuur doet helemaal niets. Noodgedwongen belandt Richard dan toch in de Ziektewet. “Ik heb best een hele slechte periode gekend. Een periode waarin ik niet te genieten was voor mijn ouders en zeker niet voor mijn vriendin. Op een gegeven moment zei de neuroloog dat ik beter kon stoppen met werken. Dat vond ik heel moeilijk. Ik heb dan wel MS maar ik vind mezelf niet arbeidsongeschikt. Maar het ergste vond ik nog het GAK. Die bureaucratie daar”. Samen met een zwager, die bij de Sociaal-Economische Raad (de SER) werkt, had Richard zich goed in de regels verdiept, maar de hulp, of liever gezegd, het ontbreken van hulp door het uitkeringsinstituut GAK, daar maakt Richard zich nog steeds kwaad over. De neuroloog die hem aanraadde een poosje te stoppen met werken; het GAK die helemaal niets deed in de richting van reïntegratie.

Rustiger vaarwater

“Ik ben nu net twee weken met mijn vriendin op vakantie geweest, naar Egypte”. Geluierd en gesnorkeld, veel meer hebben Richard en zijn vriendin niet gedaan. Heerlijk uitgerust. Genoten van de warmte. Thuiskomen viel hem wel een beetje tegen. Meteen weer brieven op de mat van het GAK, om je boos over te maken. Maar ook meteen weer met je neus op de feiten gedrukt, dat hij toch echt minder energie heeft dan vroeger. “Dat vind ik een van de moeilijkste dingen, omgaan met je energie”.En zo loopt Richard tegen de nodige beperkingen op. “Handbal gaat niet meer, heb ik zestien jaar gedaan. Tennissen kunnen mijn ogen niet meer volgen na die twee oogzenuw ontstekingen. Eigenlijk is sporten in zijn geheel moeilijk. Ik zit nog wel aan zwemmen te denken, maar ja baantjes trekken, vind ik niks aan. Maar goed, ik kan wel alle dingen gaan opnoemen die nu niet meer gaan, ik kan beter de dingen noemen die ik nog wél kan. Als je net de diagnose hoort, vergaat je wereld even. Dan moet je je verhaal kwijt. Ik zou het wel prettig vinden om meer met leeftijdsgenoten met MS te praten.Inmiddels heb ik ook een aanbod van mijn vroegere baas om weer te komen werken. Hij heeft me gemist en hij wil mij een functie geven met minder stress, minder deadlines. Dus, achteraf, als ik zo terugkijk op dit jaar, dan geef ik mezelf wel een schouderklopje. Dan heb ik de dingen toch wel positief bekeken. Ik ben niet thuis gaan zitten van, oh nu heb ik MS en nu kan ik niks meer”.

MSzien 2003, nr 6

Back To Top