skip to Main Content

‘MS begint mogelijk in de hersenen’ (25)

‘MS Begint Mogelijk In De Hersenen’ (25)

MS-onderzoek in Nederland (25): prof.dr. Jeroen Geurts

Vanaf de benoeming in 1995 van MS-professor dr. Chris Polman is in Nederland sprake van hooggekwalificeerd onderzoek naar Multiple Sclerose. MSzien belicht waartoe dit leidt, met een artikelenserie waarin vooral universitaire wetenschappers aan het woord komen. Dit keer aandacht voor prof. dr. Jeroen Geurts, die de laatste tijd nogal aan de weg timmert met opmerkelijke uitspraken. In twee afleveringen, want deze nieuwste hoogleraar op MS-gebied is op vele onderdelen tegelijk actief.

Door:Raymond Timmermans

Nog maar een paar maanden geleden, juni 2012, zei hij het in de nieuwskolommen van MSweb: “De ziekte MS zou best weleens in de hersenen kunnen ontstaan. Dus niet primair in het afweerstelsel tegen virussen en bacteriën, het immuunsysteem – zoals totnogtoe is aangenomen”.

mszien-121212-ms-onderzoek-geurts1Jeroen Geurts (1978), neurobioloog. Geboren in Berg en Terblijt, een dunbevolkt dorp in de heuvels ten oosten van Maastricht, tegenwoordig deel van de gemeente Valkenburg aan de Geul. Noemt zich zelf meestal gewoon hersenwetenschapper. Formeel is hij Hoofd van de sectie Klinische Neurowetenschappen binnen de afdeling Anatomie&Neurowetenschappen van het medisch centrum van de Vrije Universiteit in Amsterdam (VUmc). Sinds 1 oktober 2012 daar bovendien hoogleraar Translationeel Neurowetenschappelijk Onderzoek, voorzover valt na te gaan de eerste op dit gebied.

Klinkt als een mooi woord voor, als je het vrij vertaalt, superverkeersagent op wetenschappelijk Neurogebied.

Goedlachs, pretlichtjes in zijn ogen. “Mijn opdracht is om meerdere vakgebieden te verbinden. Werken en denken op het grensgebied tussen verschillende wetenschappelijke vakken. Ik zet een vraag centraal en leg die dan voor aan meerdere artsen en onderzoekers uit de pathologie, radiologie, neurobiologie” – drie vakgebieden waarin hij zich ook zelf in het bijzonder heeft bekwaamd – “neurologie, klinische neurofysiologie, anatomie, moleculaire biologie, immunologie en psychiatrie. Stoor me niet aan grenzen. Multidisciplinair onderzoek heet dat in ons jargon. Volgens mij kom je met zo’n werkwijze altijd verder dan dat ieder voor zich bezig is”.

Oorzaak en gevolg

En in dat gezelschap heeft hij die kernvraag gedeponeerd: is MS niet eerst en vooral een hersenziekte?

Voor Jeroen Geurts zelf is dat eigenlijk trouwens nauwelijks meer een vraag. Maar samen met andere wetenschappers zoekt hij naar bevestiging van die veronderstelling. “Natuurlijk, het is overduidelijk dat er ook iets mis is met het immuunsysteem. Maar ik denk steeds meer dat dit een gevolg is, niet de oorzaak. En dat MS dus niet in de eerste plaats een auto-immuunziekte is zoals het heet, een ziekte waarbij het menselijk afweersysteem, het immuunsysteem, zich tegen het eigen lichaam keert”.

Een sprankelende sneldenker. En tegelijkertijd een goede uitlegger. Zijn handen druk meebewegend met zijn betoog. Valt op: trouwring aan zijn middelvinger.

Slechts een paar aantekeningen voor zich, vooral pratend uit het hoofd. Zit echt al jarenlang op dit spoor. In november 2007 beschreef hij op MSweb voor het eerst zijn waarneming, dat ongeveer de helft van alle mensen met MS klagen over problemen met hun denkprocessen, met cognitieve stoornissen, vooral waar het om het geheugen gaat. En dat hij aanwijzingen heeft dat die te maken hebben met een beschadiging van de zenuwbeschermende stof myeline in een bepaald deel van de hersenen. Hij had het toen al over de hippocampus, een kleine, langwerpige structuur in de hersenen achter de slaap, cruciaal voor het goed functioneren van het geheugen.

Probeerde de theorie eens hardop uit medio 2009 tijdens lezingen in de Verenigde Staten voor tientallen belangrijke wetenschappers. “Vooral om te prikkelen, met als doel een wetenschappelijke discussie op gang te brengen”, zo gaf hij later toe in een column op MSweb. Tot zijn grote verbazing werd hij niet weggehoond. “In een zaal vol met witte jassen voelde ik een toenemend enthousiasme ontstaan”.

Het inspireerde hem om volop op deze lijn door te gaan. En juist de laatste tijd is het denken over de voorname rol van de hersenen bij het ontstaan van multiple sclerose in een stroomversnelling geraakt.

Calgary

Op het moment van het verschijnen van dit artikel (begin december 2012) praat hij er alweer over in het Canadese Calgary met professor Peter Stys – “spreek uit Staais” – hoogleraar neurowetenschappen aan de universiteit aldaar. Twee zielen, één gedachte. Enkele maanden terug schreven ze samen in Nature Reviews Neuroscience – een gerenommeerd wetenschappelijk blad – de grondslag op van het onderzoek waaraan ze de komende jaren denken bezig te zijn. Een veronderstelling die nog niet helemaal bewezen is, maar die ze willen ontrafelen. Een hypothese heet dat.

Kort samengevat is die: het zou wel eens kunnen zijn dat het bij multiple sclerose éérst misgaat in het brein en dat het feilen van het immuunsysteem een reactie is op wat daar gebeurt. “We noemen dat ook wel de inside-out-hypothese, het begint in het brein en komt vandaaruit naar buiten”.

Het contact met Stys dateert van 2010. “Min of meer toevallig ontstaan. Ik kwam hem tegen op een congres, ik meen in Krakau”. Stys en hij bleken vanuit twee verschillende richtingen met hetzelfde onderwerp bezig te zijn. Allebei met hetzelfde vermoeden dat multiple sclerose wel eens zou kunnen beginnen vanuit de hersenen. “Peter en ik hebben daarover eerst aan de koffietafel gesproken en allengs is dat doorgegaan en is er vriendschap ontstaan zelfs. Hij heeft er voor gezorgd dat ik nu een deelaanstelling heb in Calgary, waar ik dan twee keer per jaar pakweg twee tot drie weken kan werken”.
Jeroen Geurts doet dat ook ginds met een heel team. “Er zijn daar op dit moment wel vijf professoren die eraan werken, vier Canadezen en een Limburger… dat moet goed gaan”.

Neurodegeneratie

mszien-121212-ms-onderzoek-geurts3Het gaat daarbij om wat hij noemt neurodegeneratie. De achteruitgang van de werking van de hersenen, zodanig dat bepaalde eigenschappen verloren gaan. “Volgens onze theorie is daar ook sprake van bij MS. Net als trouwens bij andere ziekten die we als aanknopingspunten bij dit onderzoek gebruiken, zoals de ziekte van Alzheimer. Terwijl we meteen ook zien dat daar in het proces toch ook iets anders aan de hand is. Want bij onderzocht weefsel van vroegere Alzheimer- patiënten vonden we bijvoorbeeld nooit resten van myeline in de hersenvliezen. Dit is bij MS-patiënten wel het geval. Verder vinden we bij MS veranderingen die wezenlijk verschillen van de veranderingen bij Alzheimer. Wat veroorzaakt dit soort duidelijke verschillen in twee ziekten die allebei neurodegeneratie vertonen? Dat willen we onderzoeken”.
Vele mensen met MS herkennen het. ’s-Ochtends vroeg op alle vragen heel snel antwoord weten, maar na verloop van tijd merken dat alles trager gaat; dat het net lijkt alsof de hersenen omweggetjes aan het maken zijn.

“Zo is het exact! Een van de belangrijkste elementen bij problemen met geheugen is vermoeidheid, gebrek aan energie. Anders gezegd: als je in de loop van de dag vermoeider raakt, en dat raken mensen met MS veelal, dan gaat ook je geheugenfunctie achteruit. Het is me duidelijk geworden dat die neurodegeneratie veel belangrijker is dan dat we tot nu toe hebben aangenomen. En we realiseren ons dat zulke stoornissen zeker voor jonge MS-patiënten enorme beperkingen inhouden in sociaal en psychologisch opzicht. Mijn team wil helpen om hen langer en actiever te laten functioneren”.

Hersenbank

Het basisonderzoek op dit punt bestaat uit het bestuderen van hersencellen van overleden mensen. Het verschil met het onderzoekswerk van de Canadezen is vooral dat de Nederlandse onderzoekers direct kunnen beschikken over weefsel van de Hersenbank in Amsterdam. “En dat we verstand hebben van het beoordelen van dit menselijke hersenmateriaal”. Hij zegt het met een brein in de hand. Een plastic model, dat wel.

“Waar we naar zoeken zijn middelen om die neurodegeneratie.te vertragen of misschien zelfs te stoppen. Middelen om de hersenen tegen dat proces te beschermen. Met een geleerd woord neuroprotectieve middelen. Er zijn al van die middelen in gebruik bij bijvoorbeeld de ziekte van Alzheimer. We willen nu gaan kijken of we met bepaalde, vooral hogere doseringen van die middelen – of misschien met andere, nog te ontwikkelen middelen – ook iets bij MS kunnen bereiken, zonder al teveel bijwerkingen”.

Hij laat even een stilte vallen. “Daarmee zit je dan precies op het terrein van mijn nieuwe functie van hoogleraar translationeel neurowetenschappelijk onderzoek, dat gaat om het verbinden van meerdere vakgebieden. Ik moet er voor zorgen dat we rond de tafel gaan zitten met allerlei soorten wetenschappers en dan naar aanleiding van bepaalde fundamentele onderzoekbevindingen zeggen: laten we dit onderzoeken in de kliniek, of omgekeerd… Ga jij daar nog eens naar kijken, dan doe ik dit, enzovoort”.

Budget ruim € 6 miljoen

Om zo te werken hebben de onderzoekers in Canada ruim € 2,7 miljoen subsidie gekregen. Het MS-centrum van het VUmc in Amsterdam kreeg door de Stichting MS Research € 2,5 miljoen toegewezen. Dus gezamenlijk een budget van ruim € 6 miljoen. “Genoeg om er tot 2015 mee bezig te zijn”, zegt Jeroen Geurts begeesterd.

“Waarom ik zo ga voor MS? Omdat het een verschrikkelijke ziekte is, die mensen in de bloei van hun leven treft en op allerlei persoonlijke vlakken beschadigt. Ik hoop dat ik met mijn collega’s op een punt kom waar ik iets substantieels kan betekenen voor MS-patiënten. Ik heb het idee dat we heel goed op weg zijn”.
Aan hem zal het niet liggen. Kijkt geen moment op de klok. Koppelt de ene bespreking aan de andere. Tussendoor een halfuurtje aan de telefoon. “Is een gaatje gevallen. Kan wel even. Hoop dat het voldoende is. Anders moeten we uitwijken tot na volgende week”.
Bezoekt jaarlijks vele congressen en symposia over MS. “Zeker, ik vlieg wat af; en dat zal niet minder worden, vrees ik. Voel me eigenlijk soms een beetje een artiest in het Chinese staatstheater: alle bordjes op stokjes draaiende houden. Tot nu toe vallen er nog weinig op de grond gelukkig. De hectiek is wel eens een beetje vermoeiend, maar aan de andere kant leef ik er enorm van op: knallen met die hap! Ik weet waar ik het voor doe”.

MSzien is deze artikelenserie begonnen in het voorjaar van 2007. Eerder kwamen prof. dr. Chris Polman, prof. dr. Frederik Barkhof, prof. dr. Rogier Hintzen, prof. dr. Jon Laman, prof. dr. Erik Boddeke, dr. Eric Ronken, drs. Hugo Hurts, dr. Sandra Amor, dr. Inge Huitinga, dr. Wia Baron, dr. Leonie Boven, dr. Bert ’t Hart, dr. Jeffrey Bajramovic, dr. Brigit de Jong, prof. dr. Raymond Hupperts, dr. Freek Verheul, dr. Sjef Jongen, dr. Stephan Frequin, prof. dr. Jacques De Keyser, prof. dr. Otto Roelf Hommes, prof. dr. Bernard Uitdehaag, drs. Dorine Siepman, dr. Wieneke Mokkink, Marco Heerings (Nurse Practitioner), prof. dr. Elga de Vries, dr. Lizette Ghazi-Visser, prof. dr. Jack van Horssen en prof. dr. Piet Stinissen aan het woord. Medisch adviseur voor de serie is Mart Mantel.
MSweb archiveert de artikelen in de rubriek Meer over MS > wetenschap  onder het motto: ‘MS-onderzoek in Nederland’. De meest recente afleveringen zijn ook te vinden in de rubriek Magazine.
Foto 1: TRACER, het tweewekelijkse medewerkersblad van het VU medisch centrum (VUmc).

 

MSzien jaargang 11, december 2012 (4)

Dit bericht heeft 0 reacties
Klik op een tabblad om aan te geven hoe u wilt reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Back To Top