skip to Main Content

Patiënt eerste zorg van dr. Thea Heersema (27)

Patiënt Eerste Zorg Van Dr. Thea Heersema (27)
Groningen 08-03-2013 opdr foto MPA Wia Baron foto:Jan Willem van Vliet

MS-onderzoek in Nederland (27): dr. Thea Heersema

Vanaf de benoeming in 1995 van MS-professor dr. Chris Polman is in Nederland sprake van hooggekwalificeerd onderzoek naar multiple sclerose. MSzien belicht waartoe dit leidt, met een artikelenserie waarin vooral wetenschappers aan het woord komen. De meesten verbonden aan grote instellingen, enkelen aan kleinere academische ziekenhuizen, zoals bijvoorbeeld het Universitair Medisch Centrum in Groningen (UMCG). Daar werkt de in MS gespecialiseerde dr. Thea Heersema. Betrokken bij tal van onderzoekjes maar vooral toch bij patiëntenzorg.

Door: Raymond Timmermans

Groningen 08-03-2013 opdr foto MPA Wia Baron foto:Jan Willem van Vliet
Dr. Thea Heersema
foto J. W. van Vliet
gezondheidenco.nl

De neuroloog dr. Thea Heersema (1959) hecht met haar neurologisch team van het Universitair Medisch Centrum in Groningen (UMCG) aan kleine stapjes. Oog voor detail. Eigenlijk weinig tijd voor het grote onderzoekswerk, want elke dag vooral betrokken bij de zorg voor mensen met MS. De meesten afkomstig uit het noorden van het land. Die bepalen vooral haar agenda.

“Meestal heb ik elke ochtend poliklinische afspraken met patiënten, zowel controles als nieuwe patiënten. Tussendoor supervisie van artsen in opleiding. ’s Middags regelmatig polikliniek, of overleg over patiënten. Ook bezoek aan opgenomen patiënten. En anders ben ik met onderwijs bezig. Verder elke ochtend overdracht en vaak vergaderingen tussen de middag of aan het einde van de middag”.

Dat is haar gemiddelde dagindeling. De patiënt als eerste zorg. “Ik probeer de mensen met MS zo goed mogelijk voor te lichten zodat we samen een goede keuze kunnen maken uit de beschikbare behandelmogelijkheden”. En dat lukt haar prima, getuigt Nout Verbeek. Hij is zelf geen MS-patiënt maar regiocoördinator van de regionale werkgroep Groningen van de MS Vereniging Nederland (MSVN) en in die hoedanigheid geregeld in gesprek met dr. Heersema. “Zij is kort van stof maar wat zij zegt doet altijd terzake. Haar reacties zijn begripvol en bevestigen de indruk dat ze goed luistert. Je waant je bij haar in goede handen”.

Thea Heersema: klein van stuk, kort, krullend, grijs haar. Praat zacht maar duidelijk. Vriendelijk, aandachtig gezicht. Geboren en getogen Groningse. Aan de universiteit daar in 1984 afgestudeerd. Na functies in Zwolle, Enschede, Rotterdam en Den Helder, sinds september 2002 als neuroloog verbonden aan het Academisch Ziekenhuis van Groningen met als aandachtsgebied MS. “Een fascinerende ziekte, we weten er al veel van, maar begrijpen toch nog steeds niet hoe het ontstaat”. Daarnaast de supervisie van artsen in opleiding tot neuroloog. Getrouwd, twee zoons.

Fluoxetine

Feitelijk bepaalt de patiënt ook haar onderzoekskeus. Haar voorkeur heeft het helpen zoeken naar middelen die het leven voor mensen met MS aangenamer maken. Daardoor is ze niet zozeer betrokken bij het basale onderzoek naar de oorzaken van MS. Dat verklaart ook haar belangstelling voor onderzoek naar de mogelijke invloed die het medicament fluoxetine kan hebben op de voortgang van progressieve vormen van MS

Onderzoek dat een kleine tien jaar geleden in Groningen voor het eerst ter hand is genomen onder leiding van de toenmalige voorman van de Groningse neurologische groep, de Belgische professor dr. Jacques De Keyser – zie nummer 15 in deze artikelenserie. Sinds 2008 is hij weer terug in België, als ‘diensthoofd’ en hoogleraar neurologie aan de universiteit van Brussel.

Waar hij ook weer het onderzoek naar fluoxetine heeft opgepakt. Desgevraagd laat hij weten, dat Groningen daaraan gaat meedoen, met trouwens nog andere Nederlandse centra, samen met een groot aantal Belgische universitaire onderzoeksgroepen. Prof. De Keijser: “Dr. Heersema is een bijzonder aangename MS-arts, met een open geest en gezond verstand, waar ik graag mee samenwerk. Haar kritische inbreng in het wetenschappelijk onderzoek waardeer ik kortom ten zeerste. Vandaar”.

Fluoxetine is een middel dat vooral bekendheid geniet als medicament tegen depressies. Maar in 2009 promoveerde de Groningse neuroloog Jop Mostert tot doctor op een proefschrift waarin hij – op basis van kleinschalige proeven – aangaf, aanwijzingen te hebben dat fluoxetine bij progressieve vormen van MS de langzame achteruitgang kan afremmen. “Weliswaar is het nog te vroeg om fluoxetine aan mensen met MS voor te schrijven”, zo was zijn conclusie, “maar de resultaten moedigen nader onderzoek aan”. En zover is het dus nu.

Goedkoop en eenvoudig

 130605-mszien2-msonderzoek-Thea-Heersema-mostert
Dr. Jop Mostert gaat het
Nederlandse deel van het
fluoxetine-onderzoek
coördineren

Jop Mostert had als uitgangspunt de vraag: Als fluoxetine een neurologische aandoening als een depressie kan verbeteren, waarom dan niet een neurologische aandoening als MS? Hij liet in 2009 kort samengevat noteren: fluoxetine is als antidepressivum in staat de werking van de signaal-doorgevende uitlopers – axonen – van een zenuw in het hersenstelsel gunstig te beïnvloeden. Bij MS is sprake van achteruitgang van die functie – tot verregaande beschadiging van de axonen. Bij mensen met een progressieve vorm van MS en zonder depressie is na gebruik van fluoxetine mogelijk sprake van verminderd functieverlies. “Zeer de moeite waard dit verder te onderzoeken, want fluoxetine is goedkoop, wereldwijd beschikbaar, in tabletvorm en veilig bij langdurig gebruik”, aldus Jop Mostert.

Prof De Keyser haakt bij die opmerking onmiddellijk aan. “Ik zoek altijd graag naar relatief goedkope middelen om veel te bereiken, ja. Maar in dit geval is het ook een heel andere benadering. De farmaceutische onderzoekers denken vooral door beïnvloeding van het immuunsysteem, het afweersysteem, iets te kunnen doen tegen MS, terwijl er bij de ontwikkeling in de progressieve fase van MS waarschijnlijk geen samenhang is met dit systeem. Alle pogingen met middelen die het afweersysteem van het menselijk lichaam beïnvloeden, zoals interferon en glatirameer, hebben althans geen effect aangetoond bij progressieve MS. En ook daarom kies ik een andere weg”.

Het gaat hem daarbij dus in het bijzonder om mensen met MS die een secundair of primair progressieve vorm hebben (SPMS of PPMS). Deze progressieve vormen worden veroorzaakt door een geleidelijk afsterven van zenuwbanen. De onderzoekers hopen dat met fluoxetine te kunnen vertragen.

Fluox-PMS

De codenaam voor het onderzoek is Fluox-PMS. Op de website over dit onderzoeksprogramma is te lezen dat er in totaal al 16 Belgische MS-centra bij betrokken zijn. Groningen komt daar als tweede niet-Belgisch centrum bij. In het voetspoor van de Alysis Zorggroep Rijnstate Arnhem, waaraan sinds oktober 2009 dr. Jop Mostert is verbonden. Hij gaat het Nederlandse deel van het onderzoek coördineren. Waarmee de Groningse fluoxetine-onderzoekers van enkele jaren geleden elkaar weer hebben gevonden. Intussen hebben ook prof. dr. Raymond Hupperts van het Academisch MS-centrum Limburg (zie ook deel 11 van deze artikelenserie) en dr. W. Verhagen van het Canisius Wilhelmina Ziekenhuis in Nijmegen toegezegd te gaan meedoen.

Op dit moment staan voor Fluox-PMS al ongeveer 100 proef-patiënten op de lijst. Bij deelname krijgen zij per dag telkens in een keer 2 pillen te slikken. Twee jaar lang zal er elke 3 maanden een verpleegkundige langs komen om een aantal testjes te doen onder meer van het geheugen maar ook en vooral van het lopen en de handfuncties. Om die reden is er ook van afgezien om bij het onderzoek mensen te betrekken die in een rolstoel zitten. ”Dan hebben we helaas te weinig meetbare gegevens”, legt professor De Keyser uit.

De bijwerkingen zijn vrijwel zeker tamelijk gering: korte tijd misselijkheid, verminderde eetlust, diarree en slaapproblemen zijn de belangrijkste. Bij de test hoort ook dat er tweemaal in de proefperiode via de MRI-techniek beelden van de hersenen worden genomen.
De stichting MS-Anders betaalt mee aan het onderzoek. Inschakeling van MS-Anders bij onderzoekprojecten is overigens niet zo vanzelfsprekend. Dit komt mede doordat deze stichting geen keurmerk heeft van het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF).

Hormoonbalans

Thea Heersema denkt bij deze test nauw te worden betrokken en dat is de laatste tijd eerder uitzondering dan regel. “Ik ben meer de dokter en heb altijd anderen nodig voor het fundamentele onderzoek”. Zoals dat aan het begin van de eeuw, naar het verband tussen de hormoonbalans en terugvallen, Schubs, bij vrouwen met MS. Haar onderzoeksgroep stelde vast dat een groot deel van de vrouwelijke patiënten, ongeveer 40 procent, duidelijk ervaart dat net voor aanvang van de menstruatie de bestaande symptomen van MS in ernst toenemen. “Het gaat dan over een toename van vermoeidheid, moeilijker kunnen lopen, toename van de stuurloosheid, minder goed zien, minder goed kunnen plassen en andere verschijnselen. Helaas hebben we aan dit onderzoek nog geen vervolg kunnen geven”.

Bijen

Een paar jaar geleden onderzoek gedaan naar het effect van bijensteken op MS, ook op kosten van MS-Anders. “Met uiteindelijk de conclusie dat dit niet werkzaam bleek. We zagen zelf erg tegen dit onderzoek op ook vanwege de risico’s. Maar ik denk dat het wel goed is dat we het gedaan hebben. Vaak wordt van alternatieve behandelingen gezegd dat er geen bewijs is van de heilzaamheid. Maar over het algemeen wordt er te weinig onderzoek gedaan naar alternatieve behandelingen. Door ons onderzoek kun je, waar het gaat om bijensteken, nu met recht een oordeel geven”.

Vermoeidheid

Op dit moment ook bezig met onderzoek naar vermoeidheid bij MS. “Samen met onze afdeling fysiologie proberen we te ontrafelen wat de belangrijkste mechanismen daarbij zijn. Zitten die in de spieren of in het hoofd? Welke factoren spelen een rol zoals spierkracht, geslacht, somberheid, cognitieve klachten?”.

Richtlijn

Maar als gezegd besteedt dr. Thea Heersema vooral veel tijd aan daadwerkelijke zorg aan mensen met MS. Daarom ook is zij als een van de vertegenwoordigers van de Nederlandse Vereniging voor Neurologie (NVN) ingeschakeld bij het samenstellen van het uitvoerige geschrift ‘Richtlijn Multiple Sclerose 2012’, bedoeld als handboek voor alle zorgverleners die zich bezighouden met de behandeling en begeleiding van MS-patiënten. Er is ook een beknopte patiëntenversie waarin mensen met MS zelf kunnen zien wat zij van hun zorgverleners kunnen verwachten.

MS Centrum Noord Nederland

130605-mszien2-msonderzoek-Thea-Heersema-logoMSCIntussen hebben zij en haar collega’s van het UMCG, en het daaraan verbonden revalidatiecentrum Beatrixoord in Haren, samen met hun collega’s van het Martini Ziekenhuis in Groningen het MS Centrum Noord Nederland opgericht. Het zo nieuw gevormde centrum is op 22 september 2012 geopend. “Met als doel niet alleen een bijdrage te leveren aan een zo goed mogelijke behandeling en begeleiding van de ongeveer 2000 MS-patiënten in de drie noordelijkste provincies van Nederland, maar ook om samen onderzoek te doen”.

Dr. Thea Heersema en haar collega’s willen wat dit laatste betreft bijzondere aandacht besteden aan het bij MS ernstig beschadigd raken van de isolatielaag van de zenuwen, de myeline. Zo is de aan de Groningse universiteit verbonden celbioloog dr. Wia Baron – aan wie eerder aandacht is besteed in deze artikelenserie – al enige jaren op zoek naar middelen voor myelineherstel.

“Zo komen we stap voor stap steeds iets verder. Al blijft het moeilijk over succes te spreken bij een ziekteproces waarin nog zoveel te verbeteren valt”.

MSzien is deze artikelenserie begonnen in het voorjaar van 2007. Eerder kwamen aan het woord prof. dr. Chris Polman, prof. dr. Frederik Barkhof, prof. dr. Rogier Hintzen, prof. dr. Jon Laman, prof. dr. Erik Boddeke, dr. Eric Ronken, drs. Hugo Hurts, dr. Sandra Amor, dr. Inge Huitinga, dr. Wia Baron, dr. Leonie Boven, dr. Bert ’t Hart, dr. Jeffrey Bajramovic, dr. Brigit de Jong, prof. dr. Raymond Hupperts, dr. Freek Verheul, dr. Sjef Jongen, dr. Stephan Frequin, prof. dr. Jacques De Keyser, prof. dr. Otto Roelf Hommes, prof. dr. Bernard Uitdehaag, drs. Dorine Siepman, dr. Wieneke Mokkink, Marco Heerings (Nurse Practitioner), prof. dr. Elga de Vries, dr. Lizette Ghazi-Visser, prof. dr. Jack van Horssen, prof. dr. Piet Stinissen en prof. dr. Jeroen Geurts. Medisch adviseur voor de serie is Mart Mantel. Eindredacteur Louis Weltens.
MSweb archiveert de artikelen in de rubriek Meer over MS > wetenschap  onder het motto: ‘MS-onderzoek in Nederland’. De meest recente afleveringen zijn ook te vinden in de rubriek Magazine.


MSzien jaargang 12, maart 2013 (2)

Dit bericht heeft 0 reacties
Klik op een tabblad om aan te geven hoe u wilt reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Back To Top