homesitemapcontactA+

Fampridine verbetert niet alleen looptest

Therapeutisch Onderzoek

Italiaanse onderzoekers hebben aangetoond dat 4-aminopyridine of Fampridine niet alleen de loopsnelheid van MS-patiënten verbetert, maar dat er ook neurofysiologische en radiologische effecten te zien zijn.

De onderzoekers pleiten ervoor om niet alleen met een looptest te beoordelen of dit medicijn effect heeft, maar om meerdere parameters te bekijken.

Fampridine of 4-aminopyridine (4-AP)  is een medicijn dat kalium-kanalen blokkeert, waardoor de zenuwgeleiding in zenuwen waarvan de myeline is aangetast verbetert. De loopsnelheid bij mensen met MS kan hierdoor worden verbeterd.

Om te beoordelen of de medicatie werkt, wordt meestal alleen gekeken of de loopsnelheid tijdens een korte looptest verbetert. Als iemand 20% verbetering laat zien qua loopsnelheid, wordt aangenomen dat deze persoon positief reageert op de behandeling (een ‘responder’). In verschillende onderzoeken was 40% van de patiënten een ‘responder’.

Italiaanse onderzoekers keken nu niet alleen naar de loopsnelheid, maar juist naar een heel scala van uitkomsten, om zo beter te kunnen begrijpen hoe 4-AP werkt en wie er goed reageert op het medicijn. Ze onderzochten klinische, subjectieve, neurofysiologische en neuroradiologische parameters. 23 mensen met MS (RR-, SP- en PP-MS met een EDSS-score tussen de 4 en 6.5) deden mee aan het onderzoek.

Voor aanvang en na 14 dagen gebruik van 4-AP (2 maal daags 10mg) zijn de volgende parameters gemeten:

  • Klinisch: Timed 25-Foot Walk: Een test die de loopsnelheid meet over een parcours van 25 feet (7,62 meter) en de Timed Up-And-Go test: Dit is een mobiliteitstest waarbij de snelheid van opstaan, stukje lopen, omkeren en weer gaan zitten gemeten wordt.
  • Subjectief: MS Walking Scale-12: een vragenlijst waarbij de patiënt zelf aangeeft hoe het lopen de afgelopen tijd ging.
  • Neurofysiologisch: Motor Evoked Potentials (MEPs:) Het meten van de reactie van een spier; in dit geval van een voetspier (de Abductor Hallucis; deze spier beweegt de grote teen naar buiten)
  • Neuroradiologisch: (Diffusion Tensor Imaging – DTI): een variant van MRI waarbij de witte stof banen in beeld worden gebracht.

Voor de hele onderzoeksgroep tezamen vonden de onderzoekers significante verbeteringen op alle gemeten parameters. Daarna analyseerden ze de ‘responders’ (minstens 20% verbetering op de Timed 25-Foot Walk) en ‘non-responders’ (minder dan 20% verbetering) apart.

Opvallend genoeg vertoonden zowel de responders als de non-responders een significante verbetering op de klinische en subjectieve items. De neurofysiologische en neuroradiologische parameters waren alleen significant verbeterd bij de responders.

De onderzoekers tonen hiermee aan dat ook neurofysiologische en neuroradiologische parameters kunnen verbeteren door middel van 4-AP. De meeste patiënten geven zelf ook aan dat zij een motorische verbetering merken. De onderzoekers pleiten dan ook voor het gebruik van meerdere, verschillende parameters, naast het meten van de loopsnelheid, om zo de werking van 4-AP bij mensen met MS beter te kunnen beoordelen.

Bron: Brambilla L, Rossi Sebastiano D, Aquino D, Torri Clerici V, Brenna G, Moscatelli M, Frangiamore R, Giovannetti AM, Antozzi C, Mantegazza R, Franceschetti S, Bruzzone MG, Erbetta A, Confalonieri P; Milan, Italy. Journal of the Neurological Sciences 368 (2016) 402-407

Samenvatting: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/27538672

Klik op een tabblad om aan te geven hoe u wilt reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *